Goed nieuws uit de nieuwste cijfers van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL): de gemiddelde vijfjaarsoverleving van mensen met kanker in Nederland is gestegen naar 71 procent. Dertig jaar geleden was dat nog 48 procent. Dit blijkt uit de meest recente cijfers van de Nederlandse Kankerregistratie (NKR). Tegelijkertijd laten de cijfers zien dat één factor nog altijd doorslaggevend is voor de kans op genezing: het stadium waarin de kanker wordt ontdekt. Hoe eerder de diagnose wordt gesteld, hoe groter de kans op een succesvolle behandeling en langdurige overleving.
Helaas wordt nog altijd ongeveer één op de vijf kankers vastgesteld in stadium IV, wanneer de ziekte al is uitgezaaid naar andere delen van het lichaam. Hoewel ook voor deze groep de overleving de afgelopen jaren is verbeterd – van 18 procent naar 25 procent vijfjaarsoverleving – zijn de behandelmogelijkheden dan vaak beperkter. Een operatie is meestal niet meer mogelijk en patiënten zijn veelal aangewezen op systemische behandelingen, zoals chemotherapie, doelgerichte therapie of immunotherapie. Genezing is in dit stadium slechts voor een beperkte groep patiënten haalbaar.
Juist daarom is vroege opsporing van zo groot belang. Kanker veroorzaakt in een vroeg stadium vaak nog geen klachten, terwijl behandeling dan juist het meest effectief kan zijn. Dat is precies waar het AVL Centrum voor Vroegdiagnostiek zich voor inzet. Door onderzoek te doen naar nieuwe methoden voor vroege opsporing en deze in de praktijk toe te passen bij mensen met het hoogste risico, werken wij aan één duidelijke ambitie: kanker ontdekken voordat er klachten ontstaan en voordat de ziekte zich heeft kunnen uitbreiden. Want hoe eerder kanker wordt gevonden, hoe groter de kans op genezing en een betere kwaliteit van leven voor patiënten.